Op hoop van zegen?

Tags

, , , ,

Ken je die oefening? Dat je jezelf als een plank achterover laat vallen en laat vangen door de persoon achter je? Ik kon dat niet zo goed, ik twijfelde altijd of de ander me niet liet vallen. Uiteraard niet expres, maar het zou zo maar kunnen dat het niet goed zou gaan. Ik was bezig met wat er allemaal mis kon gaan en luisterde niet naar de stem achter mij: ‘Ik vang je echt op, vertrouw me maar!’

Soms liet ik me toch vallen, netjes als een plank. Niet omdat ik durfde, maar omdat ik de ander niet wilde teleurstellen. Op hoop van zegen.

In mijn leven heb ik gemerkt dat ik ook zo vertrouwde op God. Ik kende de teksten en de woorden uit de Bijbel en natuurlijk vertrouwde ik op God. Ik zou nooit uit Zijn hand vallen, Hij is erbij en ik zong de woorden mee. Over mijn schouder keek ik achterom: ‘Was God er echt wel voor mij?’

img_9588 (2)Die twijfel is denk ik herkenbaar. Zeker als er moeilijke situaties zijn in je leven. Dan kan het voelen alsof je valt en er niemand is om je op te vangen. ‘Waar is God? Waarom laat Hij dit toe?’ Dan kunnen mensen om je heen wel zeggen dat je altijd op God kan vertrouwen en dat beaam je dan op dat moment misschien ook wel. Diep van binnen voelt het anders. Angst, twijfel, boosheid.

Ik had dat wel vaak zo. Ik had mijn eindeloze hoeveelheid vragen, ik zocht God, want ik wist dat Hij er was. Zag Hij mij wel? Ik zocht evenwicht en probeerde de balans te vinden op de draden van mijn leven. Ik wilde me als een plankje achterover laten vallen om maar zeker te zijn van de handen die me zouden vangen, maar eigenlijk durfde ik niet.

Zeggen dat je vertrouwt op God is iets anders dan het ook echt zo ervaren.

Al mijn capriolen ten spijt, ik hoef me bij God niet in balans te houden en ik hoef me niet achterover te laten vallen. Hij zal me zeker opvangen, maar sterker nog: Hij draagt mij al. Veilig en geborgen in de palm van Zijn hand.

Laat je maar dragen. Met alles wat je bezig houdt. Je verdriet en je zorgen, je rouw en je onzekerheid. Je boosheid en je twijfel, je angst voor wat er komen zal.

Ik wens je in al die omstandigheden toe dat je ondanks alles kan vertrouwen. Niet op hoop van zegen, maar op basis van hoop en zeker weten: ‘God draagt me en dan komt het goed. Hoe dan ook!’

 

 

 

Advertenties

Liefde is…

Tags

, ,

Gisteren was ik een beetje aan het mopperen tegen een collega. Niet over haar, maar over andere frustraties die je in je werk wel eens tegenkomt. Ook wel eens bij anderen.

Het was even stil.

Ik gaf maar eerlijk toe dat het niet zo liefdevol van me was. ‘Liefde…..’ en ik herhaalde in mijn eigen woorden wat zinnen uit 1 Korintiërs 13:4-6 Een tekst dat me aanspreekt en een spiegel is voor mijn eigen leven. Soms kijk ik er in en buig ik beschaamd mijn hoofd.

Dit gedeelte in de Bijbel is de stem die je richting geeft in de omgang met mensen. Geeft aan wat echte liefde voor je naaste is. In de liefde naar de ander moet je soms de minste willen zijn. Kwets je de ander niet met woorden of daden. Liefde is nooit jaloers op de ander. Integendeel. Liefde is geduldig, liefde heeft de wil om te vergeven.

blog liefdeHet is een mooie en diepe tekst. Een tekst om punt voor punt tot je in te laten werken. Een tekst die je als een meetlint langs je eigen leven kan leggen. Niet alleen om daarna beschaamd je hoofd te buigen, ook om van daaruit aangemoedigd te worden om zo met je naaste om te gaan. Liefdevol omzien naar de ander, ongeacht ras, geloof of geaardheid. Ongeacht meningsverschillen die er kunnen zijn.

Liefde is de ander waardevol laten zijn.

In de Bijbel lees ik graag die tekst uit Korintiërs. Spiegel voor mezelf, maar ook een afspiegeling van wie Jezus is en hoe hij op aarde omging met mensen. Hij heeft mensen lief, zo ontzettend lief. Zelfs als onze liefde onvolmaakt is, als we in deze gebroken wereld zo vaak struikelen over onze eigen woorden. God heeft de mensen lief!

Dat is genade. Dat is liefde!

Kortste dag

Tags

, , , , , , , , , ,

Het is vandaag de kortste dag! Dat vind ik een mooie dag. Het zit tussen mijn oren, ik weet het. De dag zelf blijft uiteraard 24 uur, maar de tijd tussen zonsopgang en zonsondergang is vandaag het kortst. Dat houdt dus in dat na vandaag de tijd tussen die twee momenten alleen maar langer wordt. Langer licht dus. Heel geleidelijk, je merkt het bijna niet, maar toch…

De kortste dag. De dag dat we het meest in het donker zitten. Hier in huis maken we het knus door de kaarsjes aan te steken. Maar daar wordt het buiten niet minder donker van. Gezellig is het wel, zo tegen de kerstdagen aan. Persoonlijk houd ik meer van het voorjaar en ik vind het fijn als ik ’s morgens de vogels hoor zingen en de zon wat langer aan de hemel staat. Uitkijkend naar de lente, is de kortste dag een streep onder de donkerste dagen. Stapvoets gaan we weer richting het licht.

kaarsjesIn deze periode zijn we vooral onderweg naar Kerst. Feest van Licht. Voor ons een feest waarbij we stil staan bij de geboorte van de Here Jezus. Als mens kwam Hij op aarde, om de gebrokenheid en de zonde van mensen op zich te nemen. Licht in de duisternis.

De moeiten en zorgen zijn er nog wel. We worden geconfronteerd met ziekte, met lijden. We rouwen, we huilen, we kunnen ons eenzaam en onbegrepen voelen. Er zijn oorlogen, aanslagen, er worden mensen vervolgd en uiteen gedreven. Er is zoveel haat, we oordelen en veroordelen, we zijn soms zo harteloos.

In ons eigen leven kan het heel donker zijn. Momenten, periodes en soms wel een leven lang. We hebben onze vragen over het waarom. ‘Waarom Here God? Waar bent U dan?’  Antwoorden heb ik niet. Ik weet wel dat God altijd bij ons is. Ook in de donkerste momenten van ons leven. Doordat Zijn zoon naar deze wereld kwam en voor al onze zonden is gestorven en is opgestaan, kunnen we bevrijd leven. Een leven met God.

We mogen bidden, praten met God. Vragen om kracht en moed, om vertrouwen, juist ook als we het heel moeilijk vinden om te (blijven) geloven. God wil bij mensen zijn, ook bij jou. Hij troost ons met Zijn belofte, want er is hoop!

We zijn op weg naar een nieuwe toekomst! Er is een stip aan de horizon, er komt een nieuwe hemel en een nieuwe aarde. Daar zal geen pijn zijn en geen verdriet, geen haat en rouw, geen ziekte of dood. Elke nieuwe dag brengt ons dichterbij die toekomst. Als je nu leeft mét God, ook als het moeilijk is in je leven en alles donker is, mag je ook dan leven bij God. Dat is een hoopvolle boodschap, een teken van Gods liefde en trouw.

Vandaag is de kortste dag. Donker en regenachtig. Geleidelijk aan wordt het langer licht, onderweg naar het voorjaar. Elke dag zijn we óók onderweg naar een nieuwe toekomst. Een toekomst zonder duisternis, een toekomst die eeuwig is!

Ik wens jullie allemaal gezegende Kerstdagen toe.

 

Kerstkrans (voor het goede doel!)

Tags

, , , , ,

‘Heb je zin om een kerstkrans te maken?’ zo kwam de vraag binnen via de WhatsApp. Ik las de vraag hardop voor en iedereen in de woonkamer keek op en begon te lachen. Ze kennen me. Ik gaf dus ook als antwoord dat ik bang was dat ik het talent voor het maken van een mooie en toonbare kerstkrans volledig mis.

Zo makkelijk kwam ik er niet van af. Het was een heuse workshop, met goede begeleiding. De opbrengst was voor het goede doel, reuze gezellig en….ze haalde me wel op met de auto. Ik hoefde dus niet met die kerstkrans op de fiets. Ik voelde al aan dat ik geen excuus had om het niet te doen. Ik zou eerst nog eens kijken of ik geen andere afspraken had die avond.

IMG_9875

Dat wist ik natuurlijk wel. Ik wist wel dat ik die avond nog niets had staan. Er was gewoon nog een drempel waar ik over heen moest. Een drempel van onzekerheid. Bij de vraag om een kerstkrans te maken, schiet ik niet alleen in de lach, maar ook in een kramp. Want ik ben, door ervaring rijker, echt overtuigd dat ik daar het talent voor mis.

Ik denk terug aan al die keren dat we op school moesten figuurzagen. Waar iedereen soepel een recht lijntje kon zagen, zat mijn zaagje altijd vast. Als ik die eindelijk weer vooruit kon krijgen, brak het zaagje af. Rechte lijntjes werden bij mij speelse golfjes. Mijn leraar keurde mijn werkjes altijd af, in ieder geval geen hoog cijfer. Ik heb geregeld met een waasje van tranen zitten zagen omdat ik het gewoon niet voor elkaar kreeg. Door een waasje zie je helemaal niets meer.

In klas 3 hadden we nog handwerken bij een strenge juf (vond ik). Als mijn breiwerkje weer vol gaten zat, schoof ik heel stilletjes in de rij van kinderen die langsliepen om hun werkjes te tonen. Ze mopperde hardop, ze zuchtte diep en ze haalde het werkje uit elkaar. De breiwerkjes die ik mee naar huis nam, waren grotendeels gebreid door de juf.

Rondjes knippen, recht knippen in het algemeen, het is een ware beproeving. Met lijmen zitten er altijd draden in mijn haar of waar dan ook, verven kan ik echt niet zonder klieders op mijn kleren en als hoogtepunt niette ik ooit twee wijsvingers aan elkaar. Mijn man heeft eerst een kwartier heel hard moeten lachen voordat hij me bevrijdde.

krans 1

Dus…je begrijpt nu denk ik wel de situatie die ontstond toen ik deze vraag de huiskamer in lanceerde. Ik liet het maar mooi even zo, een paar dagen. Toen kwam ineens weer de vraag of ik me nog ging opgeven. ‘Zeg, ben jij niet allergisch voor dennengeur?’ vroeg ik nog als laatste redmiddel aan mijn man, die voor vrijwel alle sterke geuren allergisch is. ‘Nee hoor, ik ben helemaal niet allergisch voor dennengeur’ zei hij lachend. Ik zei dus maar ‘ja’. Het was immers ook voor een goed doel.

Ik ging dus. Ik stelde me voor dat er allemaal vrouwen zouden zijn die dit uiteraard keurig konden. Die precies wisten welk mesje ze mee moesten nemen, weten wat een draadtang is en zonder geklieder kunnen werken met een lijmpistool. Ze zouden de mooiste werkstukken maken en ik stelde me voor dat mijn krans van ellende uit elkaar zou vallen en vierkant zou worden in plaats van rond.

20181212_223943

Ik moet eerlijk toegeven dat het is meegevallen. Het was wel een hele klus, maar dat was het voor iedereen. Het was gezellig, er werd gelachen en ik hoorde dat anderen er net zo goed tegenop hadden gezien. Ik heb maar één keer om een pleister hoeven vragen omdat ik in mijn hand had geknipt en uiteindelijk was mijn kerstkrans af. Beetje ovaal, maar toch…ik ben er trots op.

Soms moet je over eigen drempels heen stappen. Drempels van vooroordeel, maar zeker ook de drempels van je eigen onzekerheid.

Druppels op mijn raam

Tags

, , , , , ,

Het regent. Het regent druppels op mijn raam. Sliertjes die hun weg vinden naar beneden. In kronkels en bochtjes trekken ze een spoor en ik volg ze.

Gek is dat. Dat beelden je terugvoeren naar momenten, heel ver weg terug. Van ramen en doorkijkjes waar ik achter zat en keek en tuurde. Ook toen volgde ik de druppels, de glinstering op het raam. Daarachter was dan wel de tuin, maar ik zat er heel erg ver vandaan.

IMG_9686 (5)In ramen spiegel je jezelf. Ik keek er vaak doorheen en liever ook maar langs. Dat sluike haar, dat smalle koppie en daarachter de huizen met volop licht. Op weg naar waar dan ook. Zittend in de trein, de bus en dan maar turen naar buiten. Hoofd tegen het raam. Verhalen in mijn hoofd, als kronkelende spoortjes in mijn gedachten. Net als de druppels. Druppels in mijn hart, druppels op mijn wangen, maar meestal zag je niets.

Soms komt het even terug. Dat gevoel van druppels op het raam. Ik kan het niet zo goed beschrijven, het is misschien wat vaag. Ken je dat? Dat je ineens geraakt wordt door een lied, een zin of simpelweg de druppels op het raam. Ik zat vandaag weer even naast haar en ik keek mee met haar. Meisje achter glas.

In elke druppel zit een glinstering, afspiegeling van wat is. Druppels raken dan wel aan gevoel, maar ze druppelen weg en blijven niet. In het spoor dat ik vandaag volgde, schuilt enkel nog de herinnering. Meer is het niet. Druppelsgewijs heb ik geleerd dat er tussen de druppels vooral veel zorg en zegen ligt. Daar ben ik heel dankbaar voor.

Het regent druppels op mijn raam.

 

 

 

Met open armen!?

Tags

, , , ,

Met open armen word je ontvangen‘ zo schalt het door mijn woonkamer. Het is een mooi lied van Schrijvers voor gerechtigheid. ‘Welkom, welkom in Gods huis…..hier is het goed, hier mag je zijn….kom….hier ben je veilig, hier is rust.’ Flarden van teksten en ik zing ze gedachteloos mee.

Totdat ik ineens stil ben en het lied nogmaals beluister.

Hoe kwetsbaar kan je zijn? Hoe veilig is het eigenlijk in de kerk om je gevoelens te delen, je leven en je verleden? Hoe zichtbaar ben je? Word je gemist als je er niet bent? Als je nooit meer komt, wie zoekt je dan op?

Ik wil niet negatief zijn, die tijd ligt al ver achter mij. Ik weet hoeveel moed het mensen soms kost om dat tere punt in je leven bespreekbaar te maken. Dat ben ik steeds meer gaan waarderen, maar ik heb ook een periode gehad dat ik dat niet zag. Dan frustreerde het me als men erom heen praatte. Over je huis, tuin en auto was het makkelijker te praten dan over het verdriet en gemis dat ze ook wel zagen. Soms was er dat stukje veroordeling, onbedoeld, maar ik voelde het wel. Dan klapte ik dicht.

IMG_9177 (2)Hoezo open armen?

Ik kom het tegen bij mensen om me heen. In de gesprekken en ontmoetingen. Vaak is het de schreeuw en de roep: ‘Zie je mij wel? Mag ik er zijn? Gewoon zoals ik ben? Met mijn verdriet en zorgen, met mijn verleden en mijn karakter, met mijn gemis en mijn pijn?’

Ik herken het gevoel en het doet pijn als mensen aangeven dat ze dat missen in de kerk. Het raakt me als mensen daarom niet meer naar de kerk gaan of daarin drempels ervaren. Als mensen soms heel terecht aanwijzen wat de pijnpunten zijn.

Open armen.

Bij Jezus zijn open armen. Daar zijn we veilig, bij Hem mogen we schuilen. We mogen onze pijn bij Hem neerleggen. Huilen en rustig worden. Bij Jezus ben je altijd in beeld en word je stem gehoord. Al fluister je, Hij hoort je echt.

Het lied spoort je aan om dat wat Jezus ons leerde waar te maken, in je eigen leven en in de kerk. Met vallen en opstaan, dat zeker. Samen onderweg.

Met open armen!

 

 

Aju paraplu

Tags

, , , ,

Collectanten die bij ons oude huis aanbelden, vormden een ware attractie voor onze kinderen. Het was altijd vechten wie het geld in de collectebus mocht laten glijden. Menig collectant sloeg graag dat uiterste puntje van de lange weg over. Elke moedige loper die toch ging, werd bij ons superenthousiast ontvangen. Ze kregen nog net geen kopje thee aangeboden.

Tegenwoordig is dat anders. Als nu de bel gaat hoor ik: ‘Mamaaa, het is weer een collectant.’ In onze straat komen collectanten heel erg graag. Wat ik trouwens niet erg vind, ik vind het prima als we wat geven voor een goed doel. Anders vind ik dat met mensen die voor mijn deur staan met een tablet. Nog voordat ik goed en wel open gedaan heb, rolt er een verkooppraatje uit de mond van iemand die daar op mijn stoepje staat. Het zijn ook niet alleen goede doelen, geregeld wordt me verteld dat overstappen naar een andere energieleverancier goedkoper is. Zo aan de deur via een tablet iets vastleggen, ik hou daar niet zo van.

Zo ging vorige week vrijdagavond ook de bel in huize Scheringa. Het regende buiten heel erg hard. Ik deed open terwijl ik relaxed mijn pyjama aan had. Dat bedacht ik me iets te laat en toen ik open deed stond er een jonge man met een tablet in zijn hand. Voor hij zijn verhaal kon beginnen, kapte ik hem al af. Zeer onaardig van me. Ik legde hem uit dat ik hier niet van hield aan de deur, bla bla bla en ondertussen regende het door en stond jonge man onder het afdakje van mijn deur lekker droog. Dat zei hij ook: ‘Ik kan hier mooi schuilen.’ ‘Je mag hier gerust even staan hoor’ zei ik.

IMG_9686 (4)‘Weet u waar hier in de buurt een winkel is waar ik een paraplu kan kopen?’ Zijn eigen verkooppraatje was hij allang vergeten of hij had wel door dat ik toch niet over te halen was. Wat ik kan begrijpen als ik vanuit zijn gezichtspunt mezelf zie staan. Dwars en defensief gehuld in mijn warme pyjama. Iets van mijn defensieve houding liet ik varen toen ik bedacht dat hij bij het uitlopen van de straat al drijfnat zou zijn. ‘Tja de winkel weet ik wel, maar dat is wel een eindje lopen!’

Ik zag hem balen. ‘Ik heb nog een paraplu liggen, die mag je wel lenen (met de nadruk op lenen).’ Daar maakte hij dankbaar gebruik van. ‘Leg hem maar terug bij de deur, of bij de vuilnisbak of zo, dan vind ik hem wel!’

‘Nou, die krijg je echt nooit terug’ was de reactie van iedereen die thuis was. Ik hield mezelf voor dat dat echt wel zou gebeuren. Iemand die mogelijk (want waar hij echt voor liep weet ik nog steeds niet) voor een goed doel loopt, zal toch ook wel braaf ons parapluutje terugbrengen. Helaas, dat bleek niet zo te zijn.

Dat irriteerde wel even. Iets meer dan even. Ik mopperde en mokte na.

20181031_194221Waar ging het nou helemaal om? Het ging maar om een paraplu, dat de meeste tijd ongebruikt en doelloos op een plankje ligt. Het is eigenlijk al bizar dat ik er een blog over schrijf.

Het ging ook niet om de paraplu. Ik baalde gewoon dat de rest gelijk kreeg. ‘Die zie je noooooit meer te-rug’ terwijl ik juist hoopte op het tegendeel. Te goed van vertrouwen geweest.

Maar ach…is dat erg? Word ik er echt veel minder van? Nee dat denk ik niet. Zo erg is het helemaal niet. Die jongen heeft mooi droog de tocht langs de deuren kunnen maken en ik koop zo een nieuwe paraplu. Zo moet je het maar relativeren.

Ik zal mijn kleingeld apart gaan houden. Voor al die collectanten die ik niet alleen iets geef om het goede doel, maar zeker ook voor alle moeite en tijd die ze erin steken. Door weer en wind.

En daarmee klaar. Aju paraplu.

Ik heb honger!

Tags

, , , , , , ,

‘Ik heb honger’ stond er op het bord dat de man om zijn nek had hangen. Hij hield zijn handen op. Mijn vriendin en ik, twee pubers in een melige bui op stap in Amsterdam, liepen hem voorbij, puntzak friet met mayo in de hand. We lazen de tekst en boden hem spontaan ons patatje aan. De man reageerde boos. Hij had dan wel honger, maar hij wilde geld, geen patatje mayo.

Gisteren op tv was er ook iemand die me aankeek. Anissa, een meisje van acht. Ze had geen bordje om haar nek, maar haar ogen zeiden genoeg. Meisje van acht. Ze hoort te spelen en naar school te gaan. Ze hoort te dansen en te kletsen met vriendinnen. Ze hoort gewoon kind te zijn. Dat is ze niet. Meisje van acht, vel over been.

Heb je het gezien?

hongerIk keek naar het journaal. Marin zat in de stoel, als mijn meisje van negen. Meisje dat voetbalt en op pianoles zit. Dat de luxe heeft van drie maaltijden op een dag en zoveel nog tussendoor. Dat lacht en zingt, dartelt en speelt. Meisje van negen in de stoel en ze keek mee.

Anissa stond alleen maar toe te kijken, haar ogen starend naar de camera. Neergezet om de wereld wakker te schudden voor het immense leed dat er in Jemen is. Dunne benen, ribben die uitsteken. Meisje van acht in een land verscheurd door oorlog en lijdend aan honger. Door haar moeder is ze naar het ziekenhuis gebracht. Laatste strohalm, een moeder in nood. Wat ging er door haar heen? Wist ze dat dit mogelijk en zeer waarschijnlijk het afscheid van haar dochter zou zijn?

Het raakte me.

Dat ogen je zo kunnen aankijken en zo kunnen schreeuwen om hulp. Dat je ineens wakker wordt geschud en hoort voor hoeveel inwoners de hongersnood bedreigend is. 14 miljoen…dat kan ik niet bevatten. Dat is zo onnoemlijk veel. Daar zit ik dan op de bank, kop koffie voor me.

Wat kan ik doen?

Als mens ben je maar een klein schakeltje in een groter geheel. Mensenhanden zijn te klein om de grote problemen op te lossen. Op afstand sta je daar, maar door de beelden van tv komen de problemen van ver weg ineens heel dichtbij. Meisje van acht, Anissa, ze dwingt ons wel te kijken en je hoofd niet weg te draaien.

Kan je wat doen?

Ja natuurlijk kunnen we wat doen. Er zijn organisaties die hulp bieden. Denk aan: UNCHR Oxfam NovibZOANederlandse Rode Kruis en het zullen er meer zijn. Het is de kunst om niet weg te kijken en niet te denken dat het niet helpt. Elke hand die geeft, hoe klein ook, is een druppel. Vele druppels samen is een emmer vol en kan het verschil zijn tussen leven en sterven.

Hieronder staat een filmpje van RTL4 over Anissa. Als je het nog niet gezien hebt, kijk dan even. Ze heeft geen bordje met tekst nodig. Je ziet het zo ook wel dat ze je aankijkt en zegt: ‘Help me. Ik heb honger!’

 

 

 

Gek op de zorg!

Tags

, , , , ,

Je moet wel gek zijn om in de zorg te willen werken. Het is hard werken. Je moet voortdurend extra werken, omdat er tekorten zijn. Je staat er alleen voor, je rent de benen uit je lijf en aan het einde van de maand is je salaris een schijntje vergeleken bij wat andere bedrijfstakken verdienen. De ORT (onregelmatigheidstoeslag) is niets meer vergeleken bij vroeger. Leuk die 4% salarisverhoging, maar het is maar minimaal. Minister Hugo de Jonge moet maar eens een dagje meewerken, maar eens ervaren hoe het er echt aan toegaat. Dan….

…ja wat dan?

Ik ben het gemopper een beetje zat. Ik lees het op Facebook op een forum, als reactie op positieve berichten uit Den Haag, over extra geld, een salarisverhoging. Iedereen heeft commentaar, niemand zegt: ‘dank u wel!’

Ik weet niet of het voldoende is, ik denk dat de tekorten in de zorg ook echt een probleem zijn en ook serieus aangepakt moeten worden. Dat los je niet alleen op met salarisverhoging. Ja, het is hard werken en ook zwaar en je hebt niet altijd voldoende tijd om de zorg te geven die je eigenlijk wel zou willen geven. Maar maken we het werken in de zorg zelf niet onaantrekkelijk door zo te mopperen en te klagen? Je zal wel gek zijn om nog voor de zorg te kiezen, als je al die frustraties leest.

Mijn vak is een mooi vak. Ik mag met mijn hart en mijn handen zorgen voor mensen die heel kwetsbaar zijn. Ik mag met mijn verstand nadenken over hoe we processen beter kunnen laten verlopen, ik mag nadenken over kwaliteit van zorg. Ik mag rust geven aan verwarde bewoners, ik mag de structuur geven als ze dat zelf niet meer kunnen. Ik mag nabijheid bieden door mijn hand op de hand van de ander te leggen, een aai over de wang: ‘Je hoeft niet bang te zijn, ik ben er!’ Ik mag dat laatste stukje zorg bieden als het sterven heel dichtbij komt.

20181010_122324Mijn vak is mooi en ik ben er trots op dat ik werk in de zorg!

Ik weet niet of mijn salaris en dat van al die collega’s van mij in verhouding staat met wat we daadwerkelijk doen. Ik vermoed van niet, maar ik heb me in al die jaren dat ik werkzaam ben in de zorg er nooit mee bezig gehouden of dat niet wat meer moet zijn. Ik denk misschien wel te vaak: ‘Lekker belangrijk.’ Misschien ben ik wel te makkelijk daarin en zou ik meer van die vechtlust moeten bezitten. De barricades op!!!

Ik ben het gemopper zat en stiekem denk ik wel eens: ‘Ga dan lekker wat anders doen als het alleen maar kommer en kwel is.’

Dat is niet eerlijk van me. Ook tussen de regels van het geklaag en gemopper en de verwijten in, lees ik de woorden van mensen die hart hebben voor de zorg. Die niets liever willen dan tijd en ruimte en aandacht geven aan hun bewoners en cliënten. Die hard rennen en extra diensten draaien om de zorg maar door te laten gaan. Daar wil je ook waardering voor. Soms in salaris, maar misschien wel meer door meer hulp op de afdeling en soms is het gewoon fijn en belangrijk om te horen dat je werk wordt gewaardeerd.

20181010_121737

Gisteravond zat ik aan tafel en was met een medebewoonster aan het boontjes doppen. Ze vertelde dat ze morgen naar huis ging. Ik vroeg door en ze vertelde me over thuis, flarden uit het verleden. Ze dopte niet zo snel, het ging in haar eigen tempo. ‘Het is wel een werkje’ zei ze ‘maar als we het samen doen is het wel heel gezellig.’Gezellig was het zeker. Als ik het alleen had gedaan was het echt sneller gegaan, maar ik nam de tijd. Dat is een beetje ‘mijn barricade’ opgaan. Laat je niet gek maken, wees creatief, neem ook gewoon eens de tijd!

Terwijl ze na afloop haar handen waste zei ze: ‘Ja, ik ga dan wel morgen naar huis, maar ik zal het hier ontzettend missen, ik heb het hier altijd zo goed gehad.’ Dat zijn de momenten, summier en klein, maar al die momenten bij elkaar maken het werk waardevol.

Vliegen, draven, zuchten, tot tien tellen, Zo gaat het vaak in de zorg, ik weet het. Maar kom op…zullen we nog wel trots blijven en zijn op ons vak?

 

‘Geef me de tijd…’

Tags

, , ,

‘Geef me de tijd om wat in het wc-boekje te schrijven’ lees ik op een van de deurhangers van het toilet. Het toilet boven, dat geen slot heeft. Als tijdelijke oplossing hebben we deurhangers gehaald, zodat de gene op het toilet zich een beetje veilig waant en gerust de tijd kan nemen. Tijd om eventueel iets in het wc-boekje te schrijven. Dat ligt daar om alles op te schrijven wat je maar wil. Het vormt inmiddels een boekwerkje met hilarische teksten, anekdotes en grappige herinneringen.

20181002_192215.jpg‘Geef me de tijd…’ het is een zin dat geregeld door mijn hoofd gaat. Het is een roep dat ik herken bij anderen in zoveel verschillende situaties en omstandigheden.

‘Geef me de tijd om te dromen, te leven, te zingen, te schrijven. Geef me de tijd om te groeien, te werken, te wonen, de tijd om te genieten. Geef me de tijd om kind te kunnen zijn, volop. Geef me de tijd als mijn wereld kleiner wordt, als ik ouder word en het niet gaat zoals voorheen. Geduld, alsjeblieft geef me wat tijd. 

Geef me de tijd om vast te houden. Geef me de tijd om los te laten. Geef me de tijd om hoop te houden, vertrouwen, hoe wankel dat ook gaat. Geef me de tijd om te vallen, te vechten en weer op te staan. Geef me de tijd om te zoeken en te vinden. Geef me de tijd om lief te hebben en om geliefd te zijn. 

Geef me de tijd om te praten, laat me uitspreken in ons gesprek. Geef me de tijd om te luisteren, mag de stilte er zijn? Geef me de tijd om boos te zijn, te schreeuwen en te stampen. Geef me de tijd om te vergeten, te vergeven, als dat al kan. 

Geef me de tijd om te roepen, te danken en te bidden. Geef me de tijd als ik dat alles niet kan. Geef me de tijd om te zoeken, te lijden en ook om te rouwen. Zeg niet dat het nu wel klaar moet zijn. Laat me huilen en klagen, geef me de tijd. Geef me de tijd om hulp te vragen. Geef me de tijd om jou te begrijpen en een schouder te zijn. 

Geef me de tijd om te sterven, ook dat.’

20181002_192154.jpg‘Geef me de tijd….’ kinderhandschrift, ik vermoed dat het van Marin is. Geef ik haar de tijd? Waar is mijn geduld soms als het allemaal niet zo vlug gaat als ik wil? ‘Geef me de tijd…’ een stille roep om even tot tien te tellen, om jezelf te mogen zijn en vooral om even op adem te komen. Waar dat ook mag zijn en bij wie.

‘Geef me de tijd…’ ik mijmerde over deze zin terwijl ik de tijd nam en kreeg op het toilet. Een toilet zonder slot en zelfs een haakje ontbreekt. We zijn er hier met z’n allen inmiddels wel aan gewend. Het slot komt er echt wel een keer.

Geef ons de tijd!