Tags

, , ,

‘Waar ligt de mascarpone?’ vraag ik hardop, terwijl ik samen met Iris en Marin voor de koeling in de supermarkt sta te turen. Kaas, geraspte kaas, smeerkaas, mozzarella….maar ik zie de mascarpone niet. Morgen is er een kerstdiner in de kerk voor de jongeren. Iris en Marin moeten een dessert meenemen. Beide voor vijf personen, hoe moeilijk kan het zijn. Om met iets meer aan te komen dan een bak vla met slagroom, zijn we de recepten langs gegaan Na heel wat wikken wegen hebben we voor voor elk iets anders bedacht. Iris gaat voor tiramisu en dan heb je mascarpone nodig.

Naast ons staat een jongeman, hij tuurt net als ons naar de koeling. ‘Weet jij waar de mascarpone ligt?’ vraag ik hem. Hij lacht en geeft aan dat hij hetzelfde zoekt. ‘Ja, daar ligt het’ zegt hij ineens enthousiast. Warempel, een beetje achterin het schap ligt inderdaad een pakje mascarpone. Mazzel voor hem. Het komt me zó niet uit dat er niet een pakje voor ons ligt. De hele middag zijn we al aan het winkelen, te zoeken naar van alles en nog wat. Nu ben ik moe, wil ik de laatste boodschappen doen en dan naar huis.

‘Kijk daar ligt er nog één!’ zegt de jongeman vriendelijk. Ik buk me en tot mijn grote blijdschap ligt daar bijna tegen de achterwand aan nog een pakje mascarpone. Als een kind zo blij toon ik het Marin en Iris, totdat we nogmaals naar het recept kijken. ‘Dit is 250 gram…..en in het recept staat 500 gram’ zeg ik zuchtend.

Naast mij klinkt een soortgelijke zucht. Ik kijk de jongeman aan. ‘Ik heb ook 500 gram nodig…’ vertelt hij mij en we kijken allebei teleurgesteld naar ons veroverde pakje mascarpone, waar we zojuist toch behoorlijk blij mee waren. Nu lijkt het wat nutteloos en niet compleet. De jongeman zucht nogmaals en ergens denk ik in zijn ogen spijt te lezen, omdat hij zelf dat laatste pakje niet uit het schap gehaald heeft. Of hoopt hij dat ik hem mijn pakje geef? Maar ja, voor tiramisu heb je mascarpone nodig.

‘Een hele schaal is ook best wel veel voor vijf personen’ zeg ik tegen Iris en Marin. ‘We gaan gewoon voor de helft’ en we turen naar de ingrediënten, maar ergens daalt mijn motivatie. Ik ben even klaar met al dat gedoe en geregel. De toetjes zijn daar maar één van. Een kerstbazaar deze week op school zet ons ook al aan het denken. ‘Mama, ik moet snert meenemen!’ kwam Iris me tussendoor vertellen. Waar Marin een paar eieren, een pakje boter en wat vormpjes mee moet nemen om op school koekjes te bakken, zit Iris in de soepgroep. ‘Blikken soep?’ vroeg ik ook nog hoopvol, maar dat was niet het geval. Echte zelfgemaakte snert was de bedoeling en Iris klonk enthousiast. ‘Snert is lekker, ik wil je wel helpen!’ zei Iris heel lief. ‘Hoe ga je dat dan meenemen, drie kwartier op je fiets? Zal ik het invriezen, zodat het mee kan? Heb ik grote bakken daarvoor? Wanneer moet ik dat dan maken?’ een hoop vragen in mijn hoofd, waar puberdochter ook geen antwoord op wist. Een koekjesgroep is een stuk praktischer. Het enige waar ik aan moet denken is dat de eieren op een veilige manier meegaan in Marins tas. Als ik deze week ook nog snert moet maken!

Zucht.

Daar sta ik dan, in een drukke supermarkt. Klein menselijk leed, dat is het. Ik schuif al mijn vragen aan de kant. Het komt vast wel goed en vol goede moed kijk ik voor mij. Recht vooruit, mijn hart maakt een sprongetje, staren de kant en klare tiramisu mij aan. In grote getale aanwezig, rij aan rij. ‘Nergens stond er dat we het zelf moest maken, toch?’ vraag ik aan mijn dochters. ‘Nee, dat stond nergens in de app’ is het gelukzalige antwoord. ‘Dan nemen we deze mee en maken we het nagerecht van Marin wél zelf’ zeg ik en ik sus daarmee mijn gevoel.

‘Kom, we gaan iemand blij maken’ en samen lopen we de gangpaden door, op zoek naar de jongeman. ‘Daar staat hij!’ zegt Iris en we zien hem met de telefoon in de hand. Hij is druk aan het appen. Waarschijnlijk schrijft hij dat de mascarpone op is en in gedachten stel ik me voor dat hij het nagerecht vla met slagroom laat zijn.

‘Hier, jij mag de mascarpone hebben!’ en hij kijkt verwonderd op van zijn telefoon. De opluchting is groot bij hem en hij bedankt ons hartelijk. Ik vind het een fijn gevoel. Fijn dat hij weer verder kan, maar vooral fijn dat we vanavond ons niet druk hoeven te maken over het nagerecht van Iris. Lekker makkelijk.

Nu de snert nog!

Advertentie