Tags

, , ,

Gisteren was ik onderweg. Samen met Iris en Marin een dagje op stap en we gingen naar het Spoorwegmuseum in Utrecht. Dat heeft alles met ‘onderweg zijn’ te maken, onderweg zijn met de trein. Van A naar B gaan.

IMG_0936

Als je onderweg bent, ontmoet je mensen. Soms vang je hun gesprekken op, soms lopen ze je voorbij en soms maak je er ook even een praatje mee. Geeft de ander jou een inkijkje in zijn of haar leven en licht jij iets toe van jezelf.

Deze week was ik na mijn nachtdienst ook onderweg naar huis. Ik was moe en fietste in gedachten terug. Zin om naar bed te gaan, te gaan slapen. Ik merkte ineens op dat er iemand probeerde me in te halen. Ik zag het schijnsel van de fietslamp steeds dichterbij komen. ‘Hallo’ zei een vrouw intens vrolijk en ze bleef naast me fietsen. Ik groette automatisch terug, maar moest kijken om te zien wie ze was. Ik zag een voor mij totaal onbekend gezicht weggedoken in een capuchon.

Zo hebben we een tijdje samen op gefietst, terwijl ik maar piekerde over wie ze was en mijn best deed om haar tempo bij te houden. Dacht zij misschien dat ze mij kende, of was ik door de nachtdienst zo moe dat ik het niet zag? ‘Ga je naar je werk’ vroeg ik haar. ‘Nee, ik heb nachtdienst gehad!’ zei ze. ‘Jij ook?’ vroeg ze er achteraan. Zo hadden we een gesprek.

‘Ja, ik zag je uniform al onder je jas uit komen’ zei ze. Aha, dat was het dus. Ik zag het blauwe uniform van haar nu ook. We werken beiden bij dezelfde organisatie, andere instelling, maar zelfde uniform. Dat schept uiteraard een band. Dan fiets je zomaar naast elkaar als je beiden uit de nachtdienst komt. Vervolgens ging zij rechtsaf en ik rechtdoor. ‘Welterusten’ wensten we elkaar toe.

Ik vind die ontmoetingen wel mooi. Dat je zomaar een connectie hebt, zonder dat je elkaar kent. Zonder dat je de naam kent van de ander.

IMG_0910 (3) Gisteren stond ik samen met Iris en Marin bij een trein zoals deze gebruikt werd bij de deportaties in de Tweede Wereldoorlog. Het was vreemd om zo in die trein te staan. ‘Zo is Anne Frank ook gedeporteerd’ zeiden we tegen elkaar. Terwijl we daarover nadachten maakte een oma een foto van twee kleinkinderen. ‘Lach maar niet’ zei ze. Toen de kinderen vroegen waarom niet, gaf oma aan dat ze dat nog wel een keer uitlegde. ‘Ga je ook in de trein?’ vroegen ze. ‘Nee’ gaf oma aan ‘oma wil niet in deze trein.’

Ze keek me aan terwijl ze dat zei. ‘Ik heb teveel verhalen gehoord over deze trein’ legde ze me uit en ze liep door met haar kleinkinderen naast haar. Ik zou de verhalen wel willen weten, zou willen weten wat er achter die opmerking schuil ging. Ik kan het wel invullen, kan er een eigen beeld bij vormen. Echt weten, is echt in gesprek gaan met elkaar.

Onderweg zijn is mensen ontmoeten. Inkijkjes in levens en verhalen. Soms enkel een blik die uitgewisseld wordt en soms wordt je getrokken naar iemand die staart uit het raam. ‘Waar denkt ze aan?’ Soms lopen mensen even met je op en soms gaan ze een leven lang met je mee. Soms duw je onbewust mensen weg, soms trek je ze naar je toe en soms komen ze spontaan op je af. In alle vriendelijkheid en hartelijkheid.

IMG_0923 (2)

Dat is het mooie aan onderweg zijn. Als je in beweging blijft en je ogen open houdt, niet wegkijkt als de ander jouw blik probeert te vangen en iets wil delen, dan kunnen er mooie ontmoetingen zijn. Waardevolle momenten, voor de ander, voor jou.

Wie weet kom ik die vriendelijke collega in de zorg wel weer eens tegen als ik uit de nachtdienst naar huis toe fiets. Mijn excuses als ik je wel hoor te kennen, maar ik geloof dat ik je niet eerder heb ontmoet. Nu wel, dus dan fietsen we samen op, onderweg naar huis. Sla jij rechtsaf en ik rechtdoor.

‘Welterusten’ alsof we elkaar al jaren kennen.