Tags

, , , , , , ,

Deze week kwam sterven weer dichtbij. Bij vrienden, bij gemeenteleden van de kerk. Je probeert er te zijn voor de ander. Praktisch, maar ook met je troost en je aandacht.

Als je gelooft in God, is de troost in het leven dat er na de dood een leven bij God is. ‘Ze is thuis, ze is bij God, ze heeft het goed’ en ik hoor het mezelf zeggen. Ik geloof in die troost, maar het is soms ook de punt achter je meeleven. Want natuurlijk mis je de ander wel en is er een lege plek hier op aarde. In een gebroken leven, is er hoop en toekomst, zeker weten! Er is ook gemis en er mag ruimte zijn om te huilen en te rouwen.

mosterdzaadjeAl pratende zeiden we tegen elkaar dat we dat geloven, van harte, maar dat het zo ontzettend groots is en bijna niet voor te stellen. Zo makkelijk spreken we dat uit, mooie volzinnen op een ansichtkaart. Toch is het niet te bevatten.

Thuis. Bij God. Dat is troostvol dichtbij, maar onbegrijpelijk ver weg.

Vanmorgen moest ik ineens denken aan dat mosterdzaadje waar Jezus het over had. Het is misschien een vreemde gedachtenkronkel van mij. Ik denk altijd als eerste dat het mosterdzaadje gaat om de vraag om een groter geloof. Dat klopt ook wel, want in Lucas 13:5-6ย wordt dat ook zo beschreven. Je geloof lijkt misschien wel klein, maar als het gaat groeien… ‘ komt er een boom, waar vogeltjes in nestelen’ bedacht ik mij, maar ik las het niet in dit gedeelte. Dus speurde ik verder.

Ja hoor, inย Matteus 13: 31-32 vertelt Jezus ook over dat mosterdzaadje. Het allerkleinste zaadje dat er is, maar als je het plant, groeit het uit tot de grootste onder de struiken (dus geen boom). Zo groot dat er vogels in gaan nestelen. Het viel me op dat het hier niet gaat om ons geloof, maar om de vergelijking met het koninkrijk van de hemel. Dat zaadje, dat koninkrijk, nam iemand mee en zaaide het in zijn akker. Dat bloeide uit tot een grote struik.

Ik vond dat mooi om te lezen. Het koninkrijk van de hemel, dat is dichterbij dan je denkt. Dat draag je nu al mee in je leven. Misschien moet je dat zaadje van geloof en vertrouwen nog oppakken of ontvangen, misschien draag je het wel in je broekzak mee. Klein aanwezig, een stipje aan de horizon. Als je het gaat zaaien, ook door de woorden van troost die je uitspreekt, gaat het groeien.

We mogen dat in geloof elkaar voorhouden. ‘Ze is thuis, ze is bij God.’ Niet als een punt achter al ons meeleven, maar als een komma waardoor we steeds meer gaan vertrouwen op die werkelijkheid.

Dan kunnen we, dwars door tranen heen, zeggen:

‘Ik mis je. Ik huil om je lege plek. Ik weet dat jij het goed hebt. Jij bent bij God, Thuis. Er komt een dag, dan zie ik je weer terug en daar verheug ik me nu al op!’

 

 

 

 

Advertenties