Tags

, ,

‘Ik bid voor je.’ Ik zeg het aan anderen, ik schrijf het in een berichtje in de app of op een kaart. Dat is zeker geen loze boodschap, want ik bid dan ook voor je. Zelfs als je niets met God hebt, vouw ik ook voor jou mijn handen.

‘Ik bid voor je’ ik dacht het deze week heel vaak bij omstandigheden van mensen om mij heen. Bij verlies door sterven en bij ziekte en behandelingen die men ondergaat. Soms is het wel heel moeilijk om dat zinnetje te zeggen. Het klinkt zo hol en leeg als bij anderen de grond onder hun voeten wegzakt.

Deze week viel mijn oog op een bericht op Facebook van iemand die ik volg en nog ken van een vorige baan. Ineens verscheen dat bericht van het sterven van haar kind. Zomaar, plotseling, 18 jaar. Wat moet je dan zeggen? Dan valt alles stil.

In de stilte bad ik toch. Legde mijn vragen bij God neer. ‘Waarom Here God? Waarom?’ Ik vroeg ook om troost en kracht en moed om verder te kunnen. Hoe kan je dan nog verder? Mijn menselijke vragen legde ik bij God neer.

‘Ik bid voor je’ ik wil het niet zeggen omdat ik niets anders weet te zeggen. Ik wil het niet als sluitstuk gebruiken van een heftig verhaal dat aan mij wordt verteld. Dat dit dan maar de troost is die ik aan de ander mee wil geven, omdat ik hoe dan ook met lege handen sta als de ander zoveel verdriet heeft. Oneindig veel verdriet.

Vandaag is het Biddag. Dat leert me juist dat ik mijn zorgen en mijn vragen bij God mag neerleggen. Handen gevouwen en vragen om Zijn zegen over je leven, je gezin en je werk. Bidden is praten met God. Daarin mag je ook je twijfels en je boosheid uiten, je onmacht, je gebrek aan moed en je verdriet.

Soms kan je niet meer doen dan stil zijn, als de ander zo intens verdrietig is. Soms zijn er geen troostende woorden, is een arm om de schouder genoeg. Bidden is dan niet het sluitstuk en ook niet bedoeld als schrale troost. Bidden is voor mij dat ik het deel met God en dat ik daarin kan vragen of Hij wil troosten, kracht wil geven, moed en uitkomst.

‘Ik bid voor je’ ik hoor het mezelf soms zeggen en soms durf ik het ook niet. Ik weet niet altijd hoe dat valt. Bidden kan ook in de stilte, bidden kan je altijd en overal. Bidden kan je voor de ander, zelfs als hij of zij dat zelf niet kan.

‘Ik bid voor je’