Tags

, , ,

‘Ik heb zin om te fietsen’ zei ik zondag. Zoals verwacht reageerde Marin enthousiast. ‘Nemen we het fototoestel mee?’ vroeg ze. Dat deden we. We fietsten naar ‘ons’ plekje natuur en liepen om het water heen. Op de steiger gingen we zitten. Zittend in de zon, blote voeten in het toch wel koude water.

Marin wilde zelf foto’s maken, van de zwanen en het water. Van de bomen en de bloemen. Zelfs van mij. Dat vind ik meestal ongemakkelijk. Maar Marin mag dat en ik deed maar gewillig mee. Terwijl zij even later op de steiger ronddartelt, geniet ik van de stilte. Van de schoonheid van de natuur. Wat is alles prachtig geschapen! Zo kloppend in kleur, zo juist uitgesneden, zo sierlijk neergezet. Ik geniet.

img_7054

‘Zie ik de hemel, het werk van Uw vingers, de maan en de sterren door U daar bevestigd, wat is dan de sterveling dat U aan hem denkt, het mensenkind dat U naar hem omziet?’

Psalm 8 herhaalt zich in mijn hoofd, een psalm gezongen bij mijn doop. Zo verweven met mijn leven, als een leidraad voor elke dag. ‘Kijk naar de bomen, het gras en de vogels. Kijk naar de wolken, de sterren en de zon. In elk onderdeel schuilt het werk van de Schepper. In elk onderdeel is God dichtbij. Zo ontzettend dichtbij.’

Onze voeten spetteren de druppels van het water omhoog. Maatje 33 en maat 40 naast elkaar. Ik zie mijn kromme tenen, die ik het liefst gewoon niet toon. Beetje schaamte is dat. Zoals ik me vaak schaamde en de spiegels het liefst vermeed. Nooit tevreden, nooit echt goed genoeg.

Door de lens van mijn camera zie ik het vrolijke koppie van mijn dochter. Grote blauwe ogen, een brede lach. Ik zie haar heel even de ogen sluiten om te genieten van de zon. Om daarna weer naast me te gaan zitten. Samen kijken we naar de zwanen. Samen verwonderen we ons om het schilderij voor ons dat nooit verveelt en waarin steeds weer iets te ontdekken valt.img_7063

Het raakt me, zo samen. Haar hoofd tegen me aan, onze voeten nog steeds in het water. Om ons heen de geluiden van een vogel. Als je echt stil bent hoor je de fluistering van de wind, het ruisen van de blaadjes. Het maakt me blij.

‘Heer, onze HEER, hoe machtig is Uw naam op heel de aarde.’ 

Terwijl dat refrein mijn gedachten vult, pak ik de camera nog even vast. Ik maak een foto van onze voeten. Dan maar kromme tenen. Maar van kruin tot teen ben ik, net als Marin, óók een schepsel van God!

img_7065

 

 

 

 

Advertenties