Tags

, , ,

‘Soms’ zei de meester lachend ‘zit je dochter wel in haar eigen bubbel.’ Hij had het over Marin. Ik had het kunnen weten! Een bundel zonlicht had geschenen over haar tafel. Terwijl de meester de klas stil wilde hebben, zat Marin met ogen dicht met haar hoofd achterover in de zon. Uiteraard ging dit gepaard met de nodige mimiek.

Heerlijk zo’n bubbel. Ik zat er ook graag in. Had waarschijnlijk hetzelfde gedaan als de zon haar straal precies op mijn tafel zou richten. Dat kon geen toeval zijn. Warmte en licht, heel even de ogen dicht. Ik zou alles om mij heen vergeten.

Ik zou dromen over warme landen, over wandelen langs het water en pootje baden in de zee. Ik zou mijn kastelen bouwen en gaan vliegen met de vogels mee. Wind in mijn rug, huppelend, bijna lopend over water. Ik zou me even veilig voelen in de drukte om mij heen.

image

Ik zou de lichtbundel zien als een arm van God om mijn leven heen. Is dat vergezocht? Geloof dat ik het zo zou zien en voelen. Speciale gloed die over mijn leven glijdt, als bemoediging dat er echt een nieuwe morgen komt. Dat alles wat je bezighoudt een plek in Zijn Vaderhart heeft. Zo’n troostvol teken, dat even een moment van stilte geeft. Ogen dicht en warmte voelen.

Maar in de klas kan je uiteraard niet in je bubbel gaan zitten als je moet opletten, zoals je dat in het dagelijkse leven ook niet altijd kan. Toch is het wel mooi als je de stralen van de zon weet op te vangen als die juist over jouw leven schijnt. Als je heel even volop in het licht mag staan. Tussen alle drukte door, bij verdriet en rouw, bij ziekte en diepe kwetsbaarheid. Een straal van licht, van hoop, van warmte. Helemaal speciaal voor jou!

Reken maar dat ik dan even mijn ogen sluit en in mijn eigen bubbel zit!