Tags

, ,

‘Kijk mama, daar is de mooie boom!’ en Marin wijst met haar vinger naar de boom die volop witte bloesem draagt. We genieten samen van de schoonheid. Elke dag ontdekken we meer bomen die volop bloeien.

Ik vind bomen mooi. Kunstwerken van de natuur. Hun lange takken geheven naar de hemel en soms lijkt het of ze die troostend om je heen willen slaan.  Ik vind bomen met bloesem zo mooi om naar te kijken. Dat prille begin van een knopje, dat ineens uitbloeit tot een schitterend geheel.

prunus

Ik vertel Marin dat wij vroeger in de tuin ook zulke bomen in de tuin hadden. Dat vond ik als meisje heel mooi. Dan danste ik op het gras en keek ik naar boven naar de bloesem. Bij een beetje wind, dwarrelde dit langs mijn gezicht. Als streling langs mijn wangen. Zacht gevoel. Ik voelde me een prinses onder een dak van takken, onder takken vol  roze gloed. Blij gevoel van binnen. Dat doen bomen met bloesem bij mij.

Mensen ook trouwens. Met hun innerlijke schoonheid kunnen ze me raken. Soms zomaar uit onverwachte hoek. Soms ontdek je knoppen die zich vormen, bloei waar je gisteren nog niets van zag. Het is mooi als mensen bloeien en met hun schoonheid anderen kunnen raken. Ik kan me zo verwonderen als mensen in hun kwetsbaarheid, hun hart laten zien. Zelfs door een stroom van tranen heen. Waardevol gevoel.

Bloei maar, het hoeft niet elke dag. Je hebt zo je seizoenen. Bloei maar, in je eigen tempo, geur en kleur. Op zoveel momenten sta je ongemerkt in bloei, besef je zelf niet eens hoe mooi je bent.

Ik zou veel vaker moeten zeggen: ‘Kijk, jij bent een heel mooi mens!’

 

 

 

 

 

 

 

 

Advertenties