Tags

, , ,

Kijk iedereen eens blij zijn, een sfeer van schittering en glans. Op weg naar feest en samenzijn. Van samen praten en samen eten, lachen, plezier. Ja, ze hadden wel kaartjes gestuurd en een enkeling een bos bloemen. Blikken van medelijden, een klopje op de schouder. Maar toch….

Mijn weekendtas staat klaar. Volgepakt met kleren voor een kerstvakantie thuis. Wat is thuis? Thuis zijn de scherven, de brokstukken van wat ooit was. Thuis zijn de tranen en de verhalen over een tijd dat alles nog gouden randjes had. Staren en zoeken naar woorden. In de ander geen licht van Kerst zien, maar diepe gebrokenheid.

Ze wensen me fijne feestdagen toe. Ze vertellen me hoe goed het is dat we elkaar steunen, maar het liefst zou ik in mijn eigen hoekje willen kruipen. Ik brand mijn eigen kaarsjes wel om warm te worden. Kerst is voor blijde mensen, voor mensen die zich thuis voelen. Thuis voelen bij elkaar, thuis voelen bij God.

Iedereen gaat op weg. Weekendtas om de schouder. Ik twijfel, ik aarzel. Ik sta op de drempel en wens de ander ook het beste toe. Stemmen in mijn hoofd die raken aan jaloezie. Moet ik echt op weg naar dat wat zo diep raakt aan mijn gemis en verdriet? Ziet niemand hoe donker het is?

Een handdruk als laatste groet. De aarzeling wordt opgemerkt en eerlijk geef ik toe dat ik er tegenop zie om naar huis te gaan. Vervelende stilte en ik durf niet te kijken. Schaamte, schuld, kleinheid.

image

Ineens zijn er zinnen, woorden die langs mij heen gaan. Toch geraakt worden door de laatste zin: ‘Kerst is dat Jezus is gekomen naar de mensen. Hij kwam ook voor jou.’
Wat kende hij mij nou? Ik slikte mijn tranen in, boog mijn hoofd. Grijze stenen als teken van mijn kwetsbaarheid. Ik pakte mijn weekendtas op. Lopend achter de groep studenten aan, op weg naar huis.

‘Ook voor jou…’ echo in mijn hoofd.
Jaren later nog steeds de echo in mijn hoofd. Ook als Kerst niet meer benadrukt de gebrokenheid, maar veel meer de heelheid. Als Kerst niet de duisternis aanraakt, maar het licht.

Dat gevoel van toen, kan ik zo naar bovenhalen. Ik proef het in de woorden om mij heen, ik zie het in de ogen van de ander. Ik ervaar daarin mijn eigen onmacht.

Ik weet niet hoe ik jou kan helpen en hoe ik dat gevoel kan wegnemen. Ik kan Kerst niet mooier voor je maken als je gemis, pijn en leegte voelt. Ik weet wel dat Jezus naar deze wereld kwam. Voor jou, voor mij. Daarmee blijven mensen soms op afstand, maar daardoor is God altijd dichtbij.