Tags

, ,

Gisteravond trof ik in de huiskamer manlief, Zahra en Aron aan. Ze zaten met elkaar een film te kijken, dekens om en drinken op tafel. Gezellig tafereel. ‘Zal ik een frikandel of kroket halen?’ vroeg ik spontaan. Daar hadden ze wel zin in. ‘Zomaar ’s avonds een frikandel eten?’ vroeg Aron en zijn ogen straalden.

Dus stapte ik weer op mijn fiets om richting snackbar te gaan. Terwijl ik al wachtende de krant aan het lezen was, kwamen er twee jongens binnen. In joggingpak, zwarte jasjes, petje op. Ik nam ze goed in me op. Ik zag ze namelijk al zo over de balie springen om het meisje te dwingen de kassa leeg te halen. Als trouw kijker van ‘Opsporing verzocht’ wist ik dat het geen kwaad kon om het signalement alvast in me op te nemen.

De beide jongens bestelden echter heel netjes en gingen net als ik wachten op het bankje. Ik voelde al wat schaamte in mij naar boven borrelen. Ik met mijn vooroordelen.
Nog meer verrast was ik toen één van de jongens vroeg of het meisje de tv op één wilde zetten. Dus dat deed ze.
‘Wil je daar geen geluid bij hebben’ vroeg ze nadat ze Simone Kleinsma zag zingen in beeld. ‘Nee, hoor’ zei de jongen ‘de beelden zijn ook goed’.
‘Dit is The Passion’ zei hij. Het meisje haalde haar schouders op, ze begreep hem niet. ‘Je kent het paasverhaal toch wel?’ vroeg hij. Nee meisje van de snackbar wist niets van het paasverhaal.

En ik…ik zweeg.
Ik had zoveel kunnen vertellen. Opgegroeid met de verhalen van de Bijbel, christen en dan toch zwijgen. Ik met mijn vooroordelen…ik zweeg.

Vandaag is het Goede Vrijdag.
Ik zie de discipelen die weglopen, die zwijgen.
Ik zie de mensen die schreeuwen: ‘Kruisig hem!’
Ik zie mezelf met mijn vooroordelen, mijn snelle conclusies. Mijn weglopen wanneer het erop aan komt.
Ik met mijn vele vragen en mijn veelvuldig roepen naar boven: ‘Waar bent U, waarom lijkt het alsof U weg bent? Waarom?’

Jezus riep het ook. Aan het kruis riep Hij naar God Zijn vader. Hij riep het niet naar zijn discipelen, niet naar de mensen die lachten en spotten, niet naar mij. Jezus schudt ons wakker met Zijn woorden, Zijn liefde en soms ook met het kraaien van een haan.

In al mijn roepen, vergeet ik zo vaak mijn leven met Hem te delen.
In al mijn vragen, loop ik vast in mijn beperkte blik en vooroordelen.

Hij hoort me wel.
Daar mag ik op vertrouwen.
Door Zijn sterven.
Door Zijn lijden.
Door Zijn volkomen verlaten zijn, ook door God.
Door Zijn opstanding.

Ik wens je die troost toe in alles wat je in je eigen leven meemaakt.